Lucky Number 7

Brazilië 2,5 – België 0,5. De statistisch verwachte uitslag op basis van de gecreëerde kansen afgelopen vrijdag. Deze Expected Goals-statistiek vertelt een ander verhaal dan de einduitslag. Zegt dat iets over de bruikbaarheid van die statistiek? Had België dan gewoon geluk? En hoe belangrijk is toeval eigenlijk op een eindtoernooi?

Hartverscheurend.

Coaches die hulpeloos naar een verklaring zoeken voor een nederlaag zijn als doelmannen die tevergeefs naar een onhoudbare bal duiken.

De persconferentie van de Brazililaanse bondscoach Tite vrijdagavond na de wedstrijd was daar een goed voorbeeld van. Hij grabbelde naar een reden voor het verlies, maar vond die moeilijk.

Een journalist wil hem helpen:

“Speelde geluk dan misschien een rol?”

Tite reageert aanvankelijk nog gecrispeerd:

“Ik spreek niet graag over geluk, dan lijkt het alsof ik de kwaliteiten van  de spelers minimaliseer.”

Een paar minuten later geeft hij zich toch over:

“Geluk is een slecht woord. Ik noem het liever toeval. Toeval maakt deel uit van het spel. We zijn blijven zoeken naar kansen, maar soms is er sprake van toeval. Het doet me pijn dat te moeten zeggen. Vanavond was een geweldige wedstrijd, maar het toeval was niet aan onze kant.”

Schermopname (136).png

SHIT HAPPENS

Analisten op Twitter delen het gevoel van Tite.

James Yorke van het voetbal-analytisch bedrijf Statsbomb benadrukte na de wedstrijd nog eens dat geluk een grote rol speelt tijdens een WK:

“Een statistische analyse van 1 wedstrijd is altijd wat beperkt. Maar Brazilië domineerde genoeg om er realistisch vanuit te kunnen gaan dat ze deze wedstrijd in het merendeel van de gevallen winnend afsluiten. Deze keer gebeurde dat niet.”

Mike Goodman, voetbalanalist met oog voor data, beschreef de vroege 0-2 voorsprong van de Belgen als:

“a weird accident.”

Ook in andere analyses van de historische kwartfinale komen de woorden geluk en meeval geregeld langs.

Niet alleen het verschil in Expected Goals is aanleiding voor het zien van geluk als een verklaring voor de Duivelse zege.

De own-goal van Fernandinho, de penaltyfout van Kompany en de bal op de paal van Thiago Silva zijn allemaal fases waar het kwartje de andere kant op had kunnen vallen.

Schermopname (144).png

36%

In voetbal wint het beste team nu eenmaal niet altijd de wedstrijd.

Voetbal-consultancybureau 21st Club berekende dat in 36% van de wedstrijden het team dat de beste kansen creëert, er niet met de zege vandoor gaat.

Oncontroleerbare factoren hebben in het voetbal een grotere invloed omdat er weinig gescoord wordt. Eén ongelukkig weggegeven doelpunt kan grote gevolgen hebben voor de uitslag en het wedstrijdverloop.

Deze oncontroleerbaarheid wordt nog versterkt tijdens toernooivoetbal.

Skinner en Freeman onderzochten of voetbalwedstrijden wel in hun doel slagen, namelijk het team met de meeste kwaliteit doen winnen.

Dat blijkt niet zo te zijn.

“De kans op een misleidend resultaat is significant”, stellen ze. En bij knock-out wedstrijden, die we bijvoorbeeld nu op het WK zien, is deze kans nog groter.

In toernooivoetbal is de kans op verrassende uitslagen groter dan in competitieverband.

Onlogisch lijkt dit niet. Een ongelukkig opgelopen resultaat kan niet meer opgehaald worden. De uitschakeling is – hoe ongelukkig ook – definitief.

In een geweldig stuk op These Football Times over toeval in voetbal komt de zin “all wins aren’t created equal” langs.

Ook meeval kan je aan de overwinning helpen.

Schermopname (158).png

PARADOX

Natuurlijk speelt kwaliteit ook altijd een rol.

Alleen bestaat het risico dat in een wedstrijd tussen twee zeer hoogstaande teams, net de details het verschil gaan maken.

En zo’n detail kan al eens toeval zijn.

Dit wordt de paradox van de kunde genoemd: als het niveau van kwaliteit/kunde stijgt en meerdere mensen slagen erin om dat niveau te bereiken, wordt geluk een doorslaggevende factor tussen die mensen.

Aangezien geluk een moeilijk na te bootsen onderdeel van een prestatie is, kan je beter op zoek gaan naar die onderdelen die wel iets zeggen over jouw kwaliteit.

In voetbal gebruikt men daar dan bijvoorbeeld een statistiek als Expected Goals voor. Deze statistiek brengt de kwaliteit van de gecreëerde kansen van elk team in kaart.

Onderzoek toont aan dat deze statistiek een betere manier is om de toekomstige resultaten van een team in te schatten en zo dus een betere weerspiegeling kan zijn van de “echte” kwaliteit van een team dan de “werkelijke” uitslag.

Schermopname (151).png

DEN UITSLAG

De “werkelijke” einduitslag blijft natuurlijk doorslaggevend. Die score bepaalt het lot van een nationale ploeg.

Verder of naar huis.

Maar dat betekent niet dat we de rol van geluk in een bepaalde prestatie daarom moeten miskennen. Iets waar wij, mensen, echt niet goed in zijn.

Wij haten onverklaarbaarheden en leveren ons niet graag over aan de grillen van Dame Fortuna.

De aanvankelijke weerstand van Tite om het over toeval te hebben is daar een perfect voorbeeld van. Hij is bang de rol van kwaliteit te onderschatten. Terwijl, zoals de paradox van kunde aangeeft, beide ploegen misschien wel van zo’n hoge kwaliteit waren, dat enkel toeval het verschil kon maken.

De andere manier waarop ons verzet tegen toeval zich manifesteert, is in de verklaringen en verhalen die we achteraf bij de uitslag zoeken.

“Martínez is een genie.”

“Wat is er mis met het Zuid-Amerikaanse voetbal?”

“Kan Tite aanblijven?”

Voetbalschrijver Gabriele Marcotti waarshuwt er op Twitter voor dat het moeilijk is om grote verhalen te vertellen en ronkende verklaringen af te leggen over het WK, zonder rekening te houden met de rol die toeval speelt.

Schermopname (153).png

BOBBY

Toch gaan we duchtig op zoek naar die verklaringen.

Sky Sports ging op zoek naar het geheim achter de “gouden Belgische generatie” en maakte een mooi verslag van de hervomingen die het Belgische jeugdvoetbal heeft ondergaan, met de titel: “Belgium are much more than a golden generation and it is not luck.”

Opnieuw een voorbeeld van onze neiging om geluk volledig uit te sluiten als meespelende factor.

Op een kleiner niveau zijn de artikels over het tactische meesterbrein Roberto – Bobby –  Martínez een andere manier om de reden achter de mooiste zege uit de Belgische voetbalgeschiedenis te achterhalen.

Dit is normaal en zijn tactiek heeft zeer waarschijnlijk ook bijgedragen aan de uitstekende prestatie van de Rode Duivels.

Alleen was er de gelukkige elleboog van Fernandinho voor nodig om deze tactiek ten volle te kunnen benutten.

Wanneer de wedstrijdomstandigheden jouw kant opvallen, moet je daar van kunnen profiteren.

De Rode Duivels en de bondscoach hebben dat meer dan gedaan.

Schermopname (161).png

TUSSENSTAND

Is een statistiek als Expected Goals dan zaligmakend?

Neen, waarschijnlijk niet. Al vertelt ze op zichzelf al meer dan aantal schoten op doel, aantal passes en – godbetert – aantal gelopen kilometers.

Maar net als alle data en statistieken, moet ook deze in zijn context bekeken worden.

En het belangrijkste deel van deze context is natuurlijk de tussenstand. In het jargon, “Game State.”

De tussenstand in een wedstrijd, of die nu door een toevalligheid ontstaan is of niet, heeft een invloed op het gedrag van de teams. Teams die op voorsprong staan, zakken al eens in en teams die achtervolgen, gaan nadrukkelijker op zoek naar een doelpunt.

Dit zal gevolgen hebben voor de Expected Goals.

Een analyse van 11tegen11 leidde bijvoorbeeld tot de conclusie dat teams die voor staan vaker vanuit goede posities schieten, die meer kans geven op een doelpunt. Dit komt doordat teams die een achterstand moeten zien goed te maken, vaker wat meer en vooral “betere” ruimte weggeven.

Dat België het moeilijk had om na de 0-2 nog aan grote kansen te komen, mag dus een verdienste van de Brazilianen genoemd worden. Al konden bepaalde Duivelse counters zeker beter uitgespeeld worden om effectief tot een kans te leiden (werkpuntje).

Schermopname (135).png

TOEVAL IS LOGISCH

Toeval en geluk maken dus deel uit van het voetbalspel en er bestaan statistieken die ons daar wat helpen doorheen kijken.

Maar is toeval oneerlijk en moet je dat proberen uit te schakelen in een sport?

De eerder genoemde Skinner en Freeman stelden dat om zeker te zijn dat de beste ploeg altijd wint je bijvoorbeeld de doelen groter zou moeten maken of verlengingen laten doorlopen tot het verschil in doepunten tussen de teams groot genoeg is om niet meer van geluk te kunnen spreken.

In een stuk in de New York Times over geluk in het voetbal, wordt de wenselijkheid van deze voorstellen in vraag gesteld:

“Als je de doelen groter maakt, zou er meer gescoord worden. Dan zouden de rijkste teams in het voetbal bijna altijd winnen. Toeval is eigenlijk in het voordeel van de underdog.”

Het toeval proberen uit te sluiten is inderdaad onwenselijk.

Dan is er meer één houding meer mogelijk: aanvaarding. “Toeval is logisch”, zei Johan Cruijff. Dan moet je er maar mee zien om te gaan ook.

Terug naar Tite:

“Wat een wedstrijd. Geweldige kansen over en weer, driehoekjes, reddingen, omschakelingen…. Wat een mooie wedstrijd. Het doet pijn om dit te zeggen, maar als je van voetbal houdt, was dit een fantastisch spektakel.”

Het voetbal moet geluk helemaal niet proberen weg te werken.

Op het kruispunt van toeval en kwaliteit woont pure schoonheid.

Voor de winnaar toch.

Schermopname (160).png

Geluk mag dan het oog van de naald zijn.

Kwaliteit sleurt je er net door.

Hoe klein dat oog ook is, de traptechniek van Kevin De Bruyne volstaat.

Lucky Number 7.

Een Belg.

Gelukkig maar.

Advertenties

RADIO RIO

Adenor Leonardo Bacchi. Tite. Nu Braziliaans bondscoach, ooit 9 jaar. Tijdens het WK 1970 zit hij aan de radio gekluisterd: “Voetbalverslaggeving op de radio is als een schilderij.” Hij houdt van de verbeeldingskracht die de radio van je vraagt. Keer op keer probeert hij zich de doelpunten van de Brazilianen voor te stellen: “I was creating the winning goal with my imagination over and over again”. Nu is hij zelf verantwoordelijk voor het spel van de Seleção.

“Brazil don’t beat you on flow any more, they beat you on moments.” Michael Cox vat de prestaties van Brazilië tijdens dit WK goed samen.

Critici en analisten lijken nog te wachten op het “samba-voetbal” van Brazilië. Maar wat als dat er niet komt? Wat als dat de bedoeling niet is?

Waarom zou je iets verwachten dat niet bij dit Brazilië past?

Tite is een coach die efficiëntie boven pure schoonheid stelt. Van roekeloos, licht naïef “ge-samba” is dus geen sprake, maar dat betekent niet dat Brazilië geen goed voetbal speelt.

Laat staan een matig toernooi.

Mike Goodman drukt het als volgt uit:

“The criticism of how Brazil is playing, is obscuring just how well it’s playing.”

JOGO APOIADO

Tite omschrijft zijn voetbal met de nationale ploeg als “jogo apoiado”. Een mildere versie van “jogo bonito”, die zoveel betekent als “ondersteunend spel”.

Belangrijkste onderdeel van “jogo apoiado” zijn de driehoekjes die moeten ontstaan op het veld. De spelers moeten elkaar ondersteunen om zo het creëren van driehoekjes mogelijk te maken.

Waar kennen we die driehoekjes nu nog van?

Ook de speelstijl van Martínez is gebaseerd op driehoekjes, die vaak onstaan op de flanken.

Bij Brazilië zien we dit toernooi een gelijkaardig fenomeen als bij de Rode Duivels. Op de flank probeert Brazilië door positiewissels mensen vrij te krijgen en een driehoekje te vormen.

Schermopname (111).png

In dit geval (in de wedstrijd tegen Zwitserland) zien we dat Coutinho en Neymar van positie zijn gewisseld. Dit creërt ruimte voor Coutinho, die samen met Marcelo en Neymar een actie kan opzetten

De meest bedreven spelers in het “jogo apoiado” bevinden zich vooral op de linkerflank.

LINKS

De linkerkant van Brazilië, bestaande uit Marcelo, Coutinho en Neymar, kan je de beste linkerflank van het WK noemen.

En de Brazilianen maken daar dan ook duchtig gebruik van. Zoals door Heleen Jacques aangegeven, in de voorbeschouwing van Brazilië – Mexico bij Sporza, komen het merendeel van de aanvalsgolven bij de Brazilianen van links.

Schermopname (117).png

Tegen Mexico bedroeg het percentage aanvallen vanaf de linkerkant 47%.

Tite is zich van deze nadruk op de linkerkant, en dus Neymar, al van voor het WK bewust en wil er dan ook gebruik van maken. Hij hoopt erop dat de tegenstander te veel rekening gaat houden met Neymar en zo de rest van het elftal uit het oog verliest:

“using Neymar by not using him.”

Toch probeert Tite tijdens de voorbije wedstrijden te zoeken naar oplossingen om de rechterkant te versterken. Als de tegenstander de rechterkant wat verwaarloost, moet daar ook daadwerkerlijk dreiging vanuit gaan.

Tegen Zwitserland komt Coutinho, in de laatste 10 minuten, aan de rechterkant van de driehoek op het middenveld te spelen. In de wedstrijd tegen Costa Rica moet William in de tweede helft plaats ruimen voor Douglas Costa, die een uitstekende prestatie levert met 3 sleutelpasses.

De waarschuwing lijkt aangekomen bij William, die tegen Servië en Mexico zijn niveau opkrikt. De rechterkant begint ook te draaien en het percentage aanvalsgolven langs de rechterkant neemt toe. Tegen Mexico komen al 35% van de aanvalsgolven vanaf rechts.

De overdreven afhankelijkheid van Neymar uit de eerste wedstrijden is verdwenen. Neymar kan nu ook gebruikt worden “zonder hem te gebruiken.”

PAULINHO

Tegen Servië komt dit principe van de linkerkant als “afleidingsmanoeuvre”  naar voren bij de 1-0 van Paulinho.

Schermopname (121).png

Coutinho is de bal diep komen opvragen, Felipe Luis heeft zijn plaats overgenomen en Neymar houdt het veld breed. Ook Gabriel Jesus is wat naar de linkerflank toegeschoven.

De Servische centrale verdeding schuift mee naar links waardoor een reusachtige ruimte onstaat waar Paulinho kan in lopen. Coutinho reikt hem zijn doelpunt op een dienblaadje aan.

De infiltreur Paulinho is een belangrijk wapen voor Brazilië en Tite:

“Paulinho is such a special and unique player.”

Ze werkten al eerder samen bij Corinthians en Paulinho beschouwt “Profesor” Tite als zijn tweede vader:

“We hebben geen woorden nodig om elkaar te verstaan.”

De infiltraties van Paulinho en de onderlinge positiewissels zijn een tweede belangrijk onderdeel van het “jogo apoiado” van Tite, die het spel van Liverpool vergelijkbaar vindt met zijn filosofie.

De goede loopacties van Paulinho en zijn ploegmaats blijven natuurlijk zonder gevolg als er niet iemand zoals Coutinho is om de perfect afgemeten passes te geven. Tite staat versteld van de techniciteit van Coutinho:

“Coutinho kan ruimte creëren door zijn passes.”

SWAG

De positiewissels, infiltraties en driehoekjes vormen maar een deel van de voetbalfilosofie van de pragmatische Tite.

Hij heeft de techniciteit van de Seleção gestut met een geweldige defensieve stabiliteit. De Britste krant “The Guardian” omschrijft het spel van de Brazilianen onder Tite als “underpinned swagger.”

De statistieken zijn intussen bekend. Nog maar één (onterecht) doelpunt tegen dit toernooi en het laatste tegendoelpunt uit ‘open spel’ dateert uit 5 september 2017.

Als we de “Expected Goals tegen” (het aantal verwachte tegendoelpunten van een team op basis van de grootte van de weggeven kansen) bekijken, zien we dat Brazilië enkel Frankrijk en Uruguay moet laten voorgaan als beter verdedigende ploegen.

Deze defensieve stabliliteit en de (overdreven) voorzichtigheid in balbezit kunnen een verklaring vormen voor het omschrijven van dit Brazilië als “saai”. Maar het werkt en vormt het uitgangspunt van deze bondscoach.

Schermopname (122).png

Brazilië verdedigt het meest in een 4-1-4-1-opstelling. Hierbij staat Casemiro tussen verdediging en middenveld. Benieuwd of het inbrengen van Fernandinho in plaats van Casemiro hier invloed op zal hebben?

Op het bovenstaande beeld houdt Neymar zich goed aan zijn taak, maar dit gebeurt niet altijd. Neymar komt vaak naar voren en maakt er zo meer een 4-1-3-2 van. Als Brazilië zo verdedigt, kan Meunier daar misschien van profiteren.

CARLO

In 2014 neemt Tite een sabbatical en trekt hij naar Europa om meer te leren over tactiek.

Hij legt zijn oor te luister bij Carlo Ancelloti, op dat moment coach van Real Madrid. Ancelotti leert Tite meer over hoe je kan aanvallen in een 4-3-3-opstelling (Brazilië hanteert die) en hoe je dan vervolgens kan verdedigen vanuit 4-4-2 (het plan-B van Tite).

De defensieve prinicpes van zijn elftal doet Tite uit de doeken op de persconferentie na de wedstrijd tegen Mexico. Tite, die tactische vragen – opvallend – geregeld naar zijn assistent Sylvinho doorsluist, neemt nu wel zelf de tijd om deze vraag te beantwoorden:

“Wij dekken zones af, geen individuen. Zo maak je de zones voor de tegenstander kleiner. Daarom ‘blocken’ wij ook veel schoten. Eerst verdedig je jouw zone, dan de bal en dan pas de man. Dat is de strategie die wij gebruiken en inoefenen.”

Assistent Sylvinho verduidelijkt waarom er zoveel Brazilaanse aandacht is voor het defensieve werk:

“Balans in een team zorgt ervoor dat je geen doelpunten binnenkrijgt. Kijk bijvoorbeeld naar Juventus. 7 keer kampioen door aandacht voor de balans. Om kampioen te worden mag je geen domme doelpunten weggeven. Dat maakt je nog geen defensieve ploeg, maar wel goed georganiseerd.”

JOGO ADAPTADO

Deze aandacht voor balans in het elftal, zorgt ervoor dat Brazilië er ook niet voor terugdeinst om zich aan te passen aan de tegenstander (sorry, meneer Mulder).

Tegen Mexico komt dit het meest opzichtig naar boven. In het begin van de wedstrijd verdedigt Brazilië nog vanuit zijn vertrouwde 4-1-4-1.

Schermopname (124).png

Maar na een 25-tal minuten verandert Tite dit. Hij gaat verdedigen vanuit een 4-4-2-opstelling.

Het plan-B wordt uitgerold.

Schermopname (125).png
4-4-2 (Fagner ontbreekt op dit beeld)

Op de persconferentie na de wedstrijd bevestigen Tite en Sylvinho ook deze omzetting naar plan-B. Sylvinho geeft zelfs de belangrijkste reden voor de omzetting mee:

“Zo konden we meer vrijheid geven aan Neymar.”

Mexico probeerde aan het begin van de wedstrijd ook van Fagner te profiteren, maar deze omzetting zorgde er mee voor dat Fagner verdedigende steun kreeg van William.

Hoe zal Brazilië straks verdedigen?

Wordt het 4-1-4-1 of toch 4-4-2?

Plan A of plan B?

Tite zal zich zeker aanpassen aan het plan waar Martínez al maanden op broedt.

Jogo adaptado.

Radio aan. Ogen dicht.

Beeld je ze maar in, Martínez.

The Winning Goal.

 

SOUTHGATE’S PLAYBOOK

“Het brengt je ploeg niet vooruit, daar ben ik zeker van.” Ex-bondscoach Marc Wilmots heeft het over het trainen op standaardsituaties tijdens het vorige WK in Brazilië. Hij gelooft er niet in. Dit WK bewijst het tegendeel en dan zeker de volgende tegenstander van België: Engeland. De Engelsen scoorden al 8 keer. 4 doelpunten kwamen na een corner of vrije trap. Een kijkje in het draaiboek van Engels bondscoach Gareth Southgate.

Philadelphia Eagles 41 – New England Patriots 33.

De Philadelphia Eagles winnen hun allereerste Super Bowl in februari van dit jaar.

De titelwedstrijd in het “American Football” kent een opvallende toeschouwer: Gareth Southgate. De Engelse bondscoach maakt in volle voorbereiding van het WK tijd voor een trip naar Amerika.

De reden?

Standaardsituaties.

11 PROCENT

American Football is namelijk een sport die volledig opgebouwd is uit “ingestudeerde nummertjes”. Elke actie wordt op voorhand uitgetekend door de coaches.

Dit intrigeert Southgate, die overtuigd is van het belang van stilstaande fases tijdens een groot toernooi:

“Als je Spanje en Duitsland bekijkt, dan waren zij waarschijnlijk beter op stilstaande fases dan vele mensen denken. Zowel het maken van goals uit standaardsituaties als het vermijden ervan, was een belangrijke factor in hun succes.”

Southgate stelt ook vast dat op het WK in Brazilië 11 procent van de doelpunten uit corners kwam – een bovengemiddeld aantal.

Zijn interesse voor standaardsituaties groeit en hij laat zich daarbij ook door andere – Amerikaanse – sporten beïnvloeden. Zo gaat Southgate ook NBA-wedstrijden bekijken.

Hij vindt basketbal interessant omwille van de manier waarop de spelers – ondanks dat het 5-tegen-5 is – toch altijd ruimte lijken te vinden om vrij te komen.

Het belang van de timing van een loopactie en het – reglementair – ophouden van de tegenstander, neemt hij mee naar de Engelse nationale ploeg.

GUERNICA

Southgate is getekend door het EK 1996 in eigen land. Hij miste de beslissende strafschop in de halve finale tegen Duitsland:

“De veerkracht die ik in de jaren daarna heb moeten ontwikkelen, is nu één van mijn belangrijkste kwaliteiten als coach.”

Maar hij doet er ook ideeën op van de beste bondscoach die hij ooit heeft gehad:

“I was working with an excellent coaching staff. Not only Terry Venables, but Don Howe and Mike Kelly – outstanding coaches in their field.”

Southgate leert er het belang van een goede staf en omringt zich ook voor het WK in Rusland met experten. Niet alleen zijn assistent Steve Holland is een standaardsituatie-kenner, ook aanvalstrainer Allan Russell krijgt van Southgate complimenten voor het Engelse succes op stilstaande fases.

Onder het bondscoachschap van Southgate maken de Engelsen 26% van hun doelpunten na een standaardsituatie.

Het werk op het trainingsveld levert resultaat op. De nationale ploeg maakt op de Engelse pers een “goed voorbereide” en “uitstekend gecoachte” indruk tijdens dit WK.

De chaos die Engeland creëert in het stafschopgebied van de tegenstander wordt door de krant “The Independent” vergeleken met de Guernica van Picasso.

guernica
Guernica

STATSBOMB

De stilstaande fase is lang onontgonnen gebied gebleven in het voetbal. De uitspraken van Marc Wilmots kunnen tellen als bewijs.

Maar toch tonen de cijfers aan dat trainen op standaardsituaties absoluut geen verloren moeite is.

Het voetbal-analytisch bedrijf “Statsbomb” stelt vast dat 25 tot 33% van alle doelpunten tijdens een voetbalseizoen uit een standaardsituatie voortvloeien.

Maar clubs besteden daar zelden de trainingstijd aan die zo’n belangrijk middel om tot scoren te komen, verdient.

Tijdens een toernooi groeit dit aandeel van doelpunten uit standaardsituaties zelfs nog wat. Omdat teams vaak voorzichtiger spelen in de openingsfase van een toernooi, worden er namelijk minder doelpunten gemaakt uit open spel.

Training is dus cruciaal.

Dit verhoogt, volgens “Statsbomb”, de kans op een doelpunt enorm. Waar de meeste teams gemiddeld 0,3 doelpunten per wedstrijd maken uit standaardsituaties, kan een team dat hier goed op werkt een gemiddelde van 0,8 doelpunten per wedstrijd halen.

MAGIE

Het trainen op standaardsituaties en het aanleggen van een catalogus aan varianten, levert ook andere voordelen op. Voetbalconsultant Nikos Overheul stelt het als volgt:

“Wanneer je met verschillende varianten van standaardsituaties een bedreiging kunt vormen voor de tegenstander, moet een tegenstander zich daarop instellen. Deze ‘verwarring’ bij de tegenstander helpt je altijd, ook als je er dan eens voor kiest om rechtstreeks op doel te trappen.”

Je kunt de tegenstander altijd een stap voorblijven. Nederlands “sportjournalistiek talent van het jaar” Pieter Zwart vergelijkt een goede standaardsituatie met een illusie:

“Je zorgt voor afleiding en slaat daarna ongezien toe waar dat niet verwacht wordt.”

Bij nationale teams is de tijd die je als bondscoach met je spelers kunt doorbrengen beperkt. Dit maakt van stilstaande fases een “quick win”.

Ze vereisen niet verschrikkelijk veel trainingstijd en kunnen je, zoals hierboven aangegeven, een groot aantal doelpunten opleveren op een eindtoernooi.

Met al deze info ging Southgate aan de slag en ook de spelers tonen zich tevreden met de manier waarop de focus op standaardsituaties nu zijn vruchten afwerpt:

“We’ve been working on our set-pieces, working on how we want to play, and it’s all coming together. To do it this way is special,” bevestigt aanvoerder Harry Kane.

KANE

Maar welke varianten hebben de Engelsen dit WK nu al allemaal laten zien?

In hun openingswedstrijd tegen Tunesië zien we dat Engeland (in het rood) voornamelijk de onderstaande opstelling gebruikt op corners.

TUN.png

Dele Alli en Raheem Sterling gaan in het 5-metergebied de zoneverdediging van de Tunesiërs verstoren. Lingard staat op de hoek van het strafschopgebied om de corner eventueel kort te kunnen nemen en Trippier staat buiten de 16 om een afvallende bal op te vangen.

Maguire, Henderson, Kane en Stones staan op een lijn om de bal aan te vallen. Tunesië doet het heel slecht en stelt daar maar 3 mandekkers tegenover.

De loopacties die dan gebeuren zullen in deze wedstrijd ook meerdere keren voorvallen. Henderson loopt naar de 1e zone, Maguire loopt naar het penaltypunt met Stones achter zich en Kane gaat richting 2e zone.

Young trap de bal naar het penaltypunt, waar Maguire volledig vrij staat. De keeper redt, maar de bal komt bij Kane en die tikt binnen. 0-1.

Kane is een belangrijke pion voor Southgate wat corners betreft en zijn typische loopbeweging naar de 2e paal levert ook de winnende treffer op tegen Tunesië.

ZONDER ALLI

Maar een analyse van de 10 corners die Engeland al verzamelde dit toernooi, leert dat de Engelsen tegen Panama en Tunesië een andere basisopstelling gebruikten op hoekschoppen.

Dit kwam voornamelijk door de afwezigheid van Dele Alli in de tweede wedstrijd tegen Panama. Hij werd vervangen door Ruben Loftus-Cheek.

De spelers die de corners namen, bleven wel dezelfde: Kieran Trippier of Ashley Young.

¨PAN.png

Tegen Panama opteren de Engelsen (in het wit dit keer) ervoor om enkel Sterling in te zetten als stoorzender voor de doelman. Lingard is nog altijd de korte optie en omdat Trippier de corner neemt, is het dit keer Young die op de afvallende bal moet anticiperen.

Loftus-Cheek wordt ingezet als extra kopper naast Maguire, Kane en Henderson, waardoor Stones buiten het strafschopgebied op de loer kan liggen.

De loopacties blijven gelijkaardig aan de wedstrijd tegen Tunesië. Henderson valt de 1e zone aan, Maguire en Stones het penaltypunt en Loftus-Cheek en zeker Kane zoeken weer de 2e zone op.

In de wedstrijd tegen Panama zien we ook nog een speciale variant van deze basisopstelling passeren. De vier koppers gaan in een soort vierkant staan.

PAN 2.png

De zijde van het vierkant die zich het dichtst bij de cornernemer bevindt, loopt naar de 1e zone. De andere zijde zoekt de 2e zone op. Hierdoor onstaat ruimte rond het penaltypunt voor Stones, die van net buiten het strafschopgebied komt aangelopen.

SURPRISE

Bij de vrije trappen zien we opnieuw een bepaalde constante terugkomen in de basisopstelling van de Engelsen.

TUN VT.png

Engeland (opnieuw in het rood) stelt zich op in een lijn, waarbij Maguire de man is die zich vaak het verst van de bal bevindt in de 2e zone.

Maguire wordt bij dit soort vrije trappen ook heel vaak gezocht. Hij kiest er dan voor om de bal voor doel te koppen of zelf de keeper aan het werk te zetten.

Dele Alli (met de gele schoenen) zet daarbij vaak “een block” op de verdediger die hij bij zich heeft, waardoor het voor Maguire makkelijker wordt om het 1-tegen-1-duel te winnen.

Het grootste konijn uit de hoge hoed van Southgate was natuurlijk het vierde doelpunt, op vrije trap, tegen Panama.

Dit geweldig “ingestudeerde nummertje” zette Panama keer op keer op het verkeerde been, zoals je hieronder kunt zien.

 

 

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Eerst is er nog het stiekeme overleg tussen Henderson en Stones (Engeland terug in het wit). Daarna komt Henderson los en hij speelt de bal naar de 2e paal richting Kane. Kane kopt de bal voor doel. Sterling mikt de bal nog op de doelman, maar de goed gevolgde Stones kan binnenwerken.

DEFENCE

Offensieve patronen vormen natuurlijk maar de helft van het werk. Tegen Panama is er ook een mooi beeld van de manier waarop Engeland (in het wit) corners verdedigt. Engeland hanteert een combinatie van zone- en mandekking.

D C.png

De Engelsen posteren namelijk 2 mensen op de rand van het strafschopgebied. Daarnaast bewaakt iemand de 2e paal en houdt een andere Engelsman de 1e zone in de gaten in het 5-metergebied.

4 mensen moeten dan de mandekking verzorgen tegen 4 Panamezen.

Het verdedigen van vrije trappen loopt tegen Panama, door onoplettendheid, één keer faliekant af. Engeland maakt gebruik van een hoge lijn en wilde in dit geval op buitenspel spelen.

 

 

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Althans, een deel van de ploeg wilde op buitenspel spelen. 2 Engelsen denken daar anders over en heffen de buitenspelval op. De eerredder voor Panama is een feit.

BELGIË?

Blijft natuurlijk de vraag wat België tegenover die ingestudeerde Engelse nummertjes kan inbrengen.

Ook België maakt bij het verdedigen van corners gebruik van een combinatie tussen zone- en mandekking.C BEL D 2Op dit beeld zien we dat Mertens verantwoordelijk is voor het ontmijnen van de korte corner. De Bruyne neemt de 1e zone voor zijn rekening en Lukaku beschermt het gebied voor Courtois.

Wat de mandekking betreft, is Carrasco verantwoordelijk voor de Tunesiër aan de rand van het strafschopgebied. Witsel, Meunier, Vertonghen, Alderweireld en Boyata moeten het kopduel aangaan in de 16, zoals de “koningsfoto” ook aangeeft.

 

688236da-7793-11e8-98c9-3986321ab459_web_scale_0.5952381_0.5952381__
Het bezoek van de koning aan de kleedkamer na Tunesië leverde dit beeld op. Hierop wordt aangeduid wie wie moet dekken bij corners.

De vraag is of deze structuur ook de juiste is tegen Engeland.

Engeland houdt er dus van om voornamelijk de 2e zone aan te vallen bij corners. Is het dan nodig om een mannetje te posteren aan de 2e paal? Kan iemand de 2e zone verdedigen, zoals De Bruyne de 1e zone voor zijn rekening neemt?

Allemaal vragen waar vanavond misschien toch een antwoord op komt.

Al kan je die zone natuurlijk ook met opzet open laten…

DUIVELS OP DE MAAN

“This World Cup is like going to the moon. We proberen met België iets te bereiken wat nog nooit eerder gelukt is.” Roberto Martínez scherpt de hoge verwachtingen, samen met zijn assistent Thierry Henry, nog aan bij Sky Sports. “En wij moeten proberen richting te geven aan die verwachtingen.” Na 20 wedstrijden en een oneindig aantal interviews weten we welke richting Martínez precies op wil met de nationale ploeg. En waarom.

Ai.

Hij slaat zijn enkel om.

Jordan Lukaku gaat op het gras zitten. Na 20 minuten moet hij de wedstrijd tegen Bosnië al staken. Martínez kiest, in zijn 2e WK-kwalificatiewedstijd met België, voor 4 mensen achterin (Meunier – Alderweireld – Vertonghen – J. Lukaku), maar dat plan valt dus al snel in het water.

De grote impact van blessures, en het toeval, in de sport nog maar eens bevestigd.

Schermopname (67)
De opstelling van België tegen Bosnië na de blessure van J. Lukaku.

In de eerste kwalificatiematch, op Cyprus, koos Martínez al voor 3-4-2-1 en daar grijpt hij nu naar terug. Ciman komt in de plaats van J. Lukaku. Lolo gaat centraal tussen Alderweireld en Vertonghen in spelen en Carrasco komt op de linkerflank te staan. De bondscoach houdt zich, na de met 4-0 gewonnen wedstrijd, nog wat op de vlakte:

“De wissel van 4 naar 3 achterin heeft de wedstrijd niet veranderd.”

De Duivels zullen nooit meer met 4 verdedigers aan een wedstrijd beginnen.

FA CUP

Martínez heeft al ervaring met het 3-4-3-systeem. Hij gebruikte het eerder bij Wigan Athletic in de Premier League. In het seizoen 2011-2012 zit Wigan in slechte papieren na 16 punten uit 24 wedstrijden. Martínez besluit het roer om te gooien en kiest voor 3-4-3:

“Dit systeem helpt ons om het veld breed te houden. Als je wil aanvallen met je vleugelverdedigers en je speelt met 4 achterin, dan blijven er maar 2 verdedigers meer over. Met dit systeem kan je 3 verdedigers en een extra middenvelder achter de bal houden. Je kan aanvallend spelen, zonder in de problemen te komen achterin. Deze opstelling legt de nadruk op die zones in het veld waar je gevaar kan stichten als team.”

Wigan is, op dat moment, het enige team in de Premier League dat 3-4-3 speelt. In de laatste 14 wedstrijden van het seizoen halen ze 27 punten. Onder andere Arsenal, Liverpool en Manchester United worden verslagen. In het daaropvolgende seizoen valt de degradatie niet af te wenden, maar wint Wigan wel de FA Cup. Manchester City wordt op Wembley verslagen met 1-0.

Wigan treedt aan in een 3-4-3-systeem.

THREE AT THE BACK

Martínez is op dat moment overtuigd van de meerwaarde van een systeem met 3 verdedigers, dat hij later bij Everton weinig zal gebruiken, en oppert:

“In a year’s time, there will be a lot of teams playing 3-4-3, believe me.”

De systemen met 3 achterin kennen inderdaad een opmars. Op het WK 2014 zien we onder meer Chili en Nederland er gebruik van maken. Chelsea wordt er kampioen mee in 2017 en in België kennen we de varianten van Leko (3-5-2) en Vanhaezebrouck (3-4-2-1).

Door de nadrukkelijke aanwezigheid van opstellingen met 3 achterin op het vorige WK in Brazilië, besteedt ook de Duitse “tactiekwebsite” Spielverlagerung grote aandacht aan “de driemansdefensie”. Zij beschrijven uitgebreid de voor- en nadelen van de verschillende varianten.

Het grote voordeel volgens René Maric, nu assistent-trainer bij Red Bull Salzburg, van een systeem met 3 verdedigers is de aanwezigheid van meer spelers in de strategisch meest belangrijke zone in het voetbal; het centrum:

“Hierdoor genereer je meer defensieve stabiliteit en kan je bij balverlies, door meer mensen centraal te hebben, ook sneller de bal recupereren. Aanvallend geeft het systeem je ook meer flexibiliteit, omdat je meer zones kan bestrijken op het veld en die verschillende zones ook makkelijker kan bereiken.”

Schermopname (62).png
Na balverlies tegen Saoedi-Arabië proberen de Duivels de bal snel terug te winnen.

Geen enkel tactisch systeem is perfect en dus zijn ook aan opstellingen met 3 verdedigers nadelen verbonden:

Het grote risico van systemen met een enkele bezetting op de flank is dat je daar uitgespeeld wordt. Ook de coördinatie tussen de 3 of 5 verdedigers is soms moeilijk te onderhouden, waardoor bijvoorbeeld de buitenspelval niet goed gebruikt wordt. Zo ontstaat ruimte in de rug.”

Schermopname (64).png
In de wedstrijd tegen Egypte verloopt de communicatie hier niet goed. Ciman probeert op buitenspel te spelen, maar Abdelshafy (13) vindt de ruimte in de rug van de verdediging.

VLEUGELS

De “wingbacks” vormen dus een cruciaal onderdeel in het systeem dat Martínez wil hanteren. Aanvallend moeten ze in staat zijn om het veld breed te houden en verdedigend moeten ze kunnen omgaan met de enkele bezetting.

Na de thuiswedstrijd tegen Bosnië lijkt het systeem vast te liggen en kan Martínez op zoek naar de ideale flankverdedigers.

Chadli komt in de daaropvolgende wedstrijd, in Gibraltar, na 50 minuten Carrasco vervangen. Foket mag een helft opdraven in het vriendschappelijke gelijkspel tegen Oranje.

Meunier en Carrasco zullen altijd de eerste opties van de bondscoach blijven, maar in maart 2017 manifesteert zich de eerste vervanger: Nacer Chadli.

Chadli speelt op de rechterkant tegen Griekenland (1-1) en speelt 80 minuten op de linkerkant in de oefenwedstrijd tegen Rusland (3-3). Martínez toont zich na de wedstrijd tegen Rusland, waarin Chadli een vrije trap op het hoofd van Benteke schildert bij de 3-1, heel erg tevreden:

“Sommige spelers hebben hun kans met beide handen gegrepen. Chadli was ‘very, very impressive’ over de 2 wedstrijden.”

De bondscoach moet dan al weten dat hij met Chadli terugkeert naar Sochi.

Chadli zal in de 20 wedstrijden onder Martínez, zowel op links als op rechts, 44% van de speelminuten (800) verzamelen. Foket (7,5%) en Limbombe (2,5%) zitten daar ver onder en zelfs T. Hazard wordt even op de rechterflank getest in de thuiswedstrijden tegen Cyprus en Egypte.

Ook de complimenten blijven maar komen. Na de wedstrijd in Estland noemt de bondscoach hem “outstanding” en in augustus vorig jaar plaatst hij Chadli op gelijke hoogte met Meunier.

De weinige speelminuten bij West Bromwich Albion (214 (!) dit seizoen) verhinderen de bondscoach niet om hem bij de 23 voor het WK op te nemen.

Bij de definitieve selectie zijn, op Chadli na, geen rechtstreekse vervangers voor Meunier en Carrasco opgenomen. Een risico van de bondscoach, die opteerde voor meer centrale spelers als Januzaj en Tielemans. De bondscoach omschreef voetbal ooit als:

“[Football is about] taking advantage of what you got and not what you haven’t got”

De grote kwaliteit van de spelers in de as van het veld weegt voor Martínez dus op tegen het risico om geen extra – minder kwalitatieve – flankspelers mee te nemen als back-up.

KDB

Martínez geeft vorig jaar in oktober al aan dat hij 3 à 4 “flexibele” spelers wil meenemen naar Rusland. Spelers die op meerdere posities kunnen spelen, worden een must. Chadli is daar één van, net als T. Hazard en Dendoncker. Maar Martínez worstelt lang met de positionele flexibiliteit die hij van Kevin De Bruyne kan vragen.

De Bruyne wordt een makkelijk te verschuiven pion op het schaakbord van Martínez. De bondscoach gebruikt “KDB” zowel op één van de “tien”-posities achter de spits als lager op het middenveld. Zelfs binnen één wedstrijd moet De Bruyne beide posities aankunnen, zoals in de thuiswedstrijd tegen Estland en in Griekenland.

Het geschuif met Kevin De Bruyne en zijn uiteindelijk lagere positie zorgt er, volgens de Amerikaanse website FiveThirtyEight, voor dat Kevin De Bruyne wat aan de ketting wordt gelegd door Martínez:

“De Bruyne creëerde in de kwalificatiecampagne maar 0.32 “grote kansen” per 90 minuten, terwijl hij er bij Manchester City in slaagde om 0.55 “grote kansen” per 90 minuten te creëren.”

Pas vanaf de oefenwedstrijd tegen Japan is het geschuif met De Bruyne afgelopen. De positie en rol die De Bruyne binnen de nationale ploeg moet vertolken, staat voor Martínez eindelijk vast:

“Kevin is essential as a playmaker for us,” stelt Martínez na de oefengalop tegen Saoedi-Arabië.

Het duo De Bruyne-Witsel zal de spil vormen van het basiselftal van Martínez, maar ook andere duo’s op het centrale middenveld passeren de revue: onder meer de combinaties Fellaini-Witsel, Witsel-Dembélé, Tielemans-Witsel en ook Witsel-Defour komen langs.

PARTNERS IN CRIME

Martínez haalt van bij het begin van zijn ambtstermijn het belang van partnerships aan op het veld. Om het team sterker te maken dan het individu moet de verstandhouding op het veld uitstekend zijn:

“You don’t rely on individuals to win a game.”

Niet alleen tussen de twee mensen op het centrale middenveld moet er een goede relatie zijn. Ook tussen de flankspelers en de twee spelers achter de spits is een goede afstemming noodzakelijk.

Dit is belangrijk voor het vormen van de driehoekjes waar Martínez verzot op is, zoals tactisch brein van Het Nieuwblad Guillaume Maebe in zijn analyse van de Rode Duivels aanduidde.

De belangrijkste partners in het systeem van Martínez zijn de twee spelers achter de spits, in the pockets. Hazard en Mertens zijn daar, zeker na het achteruit schuiven van De Bruyne, het ideale koppel voor Martínez.

The pockets van Martínez vragen in het begin wat zoekwerk van de spelers, blijkt uit de passmaps van het twitteraccount @11tegen11. Deze passmaps geven de “gemiddelde” positie aan waarin een speler aan de bal komt op het veld.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Vroeg in de campagne, tegen Cyprus, lijken De Bruyne en Hazard elkaar nog wat voor de voeten te lopen. Maar na verloop van tijd zie je hoe de spelers zich beter weten aan te passen aan het systeem.

De posities worden goed nageleefd. De driehoekjes ontstaan.

RADJA

Deze drang van Martínez naar goede partnerships wordt de voornaamste valkuil voor – ondertussen – volksheld nummer 1: Radja Nainggolan.

In het 3-4-2-1-systeem ziet Martínez geen plaats voor Radja. Zowel op het middenveld als achter de spitsen kan hij de bondscoach er nooit van overtuigen de bestaande koppeltjes te scheiden.

“Bij Radja is het zoeken naar zijn beste positie en wat hij bijbrengt,”  klinkt het in maart van dit jaar.

Martínez probeert het wel. In een ander systeem kan Radja misschien wel van dienst zijn. Tegen Rusland en Tsjechië krijgt hij de 10-positie toebedeeld in een 3-5-2-systeem. Maar waar Chadli in die wedstrijden de bondscoach imponeert, blijft Radja onder de verwachtingen.

Ook het 3-5-2-systeem zelf is Martínez niet erg genegen als eerste optie:

“Spelen met 2 spitsen kunnen we doen, afhankelijk van de tegenstander. Maar het huidig systeem [3-4-2-1] stelt ons wel in staat om tempowisselingen door te voeren. De spelers “komen” dan ook meer in kansrijke positie in plaats van daar al te staan.”

3-5-2 heeft wat afgedaan en daarmee ook Radja. Het gedrag van Nainggolan naast het veld zal, bij een bondscoach die voetbal als een “way of living” omschrijft, vast ook meegespeeld hebben bij zijn niet-selectie.

REALISME vs. OPTIMISME

Niet dat we de 3-5-2 helemaal niet zullen zien op het WK. Engeland zal erin aantreden. Aan Martínez om daar dan zijn voetbalstrategie tegenover te zetten.

De vaste concepten die de bondscoach met de Duivels wil laten zien geeft Martínez op één persconferentie expliciet mee:

“We willen hoog druk zetten. Snel verdedigen. Dynamisch acteren en de bal snel terugwinnen. Daarnaast staan wij ook voor kwaliteit aan de bal. Dat zijn de vaste concepten die eventueel ook in een andere structuur kunnen toegepast worden”

Martínez heeft het zelf over een voetbalvisie die zowel Spaans als Engels geïnspireerd is:

“Uit Spanje heb ik het belang van balbezit meegenomen. De Engelse focus op tempo en intensiteit probeer ik ook toe te passen.”

Deze strategie heeft voor de Rode Duivels verschillende tactische gevolgen.

De flankspelers (Meunier-Carrasco) moeten het veld breed houden en man-meer situaties proberen te creëren door van positie te wisselen met de mensen achter de spits (Mertens-Hazard).

Schermopname (70)
De aanleiding van de 1-0 in de oefenwedstrijd tegen Japan. Mirallas valt naar links uit, wat Chadli de kans heeft om het centrum van Japan aan te vallen.

De spits (Lukaku) geldt als diep aanspeelpunt die het veld lang moet maken en bij balverlies moet er agressief druk worden gezet in de centrale zones van het veld.

Deze agressieve druk maakt de Rode Duivels wel kwetsbaar voor tegenaanvallen. Uit een analyse van de Rode Duivels door de website The Coaches’ Voice blijkt dat ze gemiddeld 15 tegenaanvallen toelaten onder Martínez. Duitsland was gisteren een gepaste waarschuwing.

De basiself tegen Panama is zo goed als gekend. Het mag nu echt gaan beginnen.

—–

Het bekijken van de vele interviews met Martínez is zoeken naar de oprechtheid tussen de soms lang uitgesponnen clichés. Mourinho noemde Martínez ooit de man die “elke dag een persconferentie zou geven als hij kon.”

Maar bij Sky Sports laat de bondscoach toch heel even in zijn hart kijken:

“Expectations can never be too high. I believe in not being too over-realistic. I want to chase a dream.”

Dromen.

Dromen van de maan.